Global Positioning System, gebruikt in navigatiesystemen. Met behulp van satelliettechnologie bepaalt GPS de exacte locatie van de auto, zodat het navigatiesysteem de bestuurder kan vertellen hoe hij moet rijden.
Electronic Brakeforce Distribution, elektronische remkrachtverdeling. Functie in sommige ABS-systemen om de remkracht optimaal te verdelen tussen de voor- en achterwielen, ongeacht de belasting of de druk op het rempedaal.
Antiblokkeringssysteem voor de remmen. Met ABS worden de remmen binnen een fractie van een seconde telkens opnieuw geactiveerd en losgelaten, om te voorkomen dat de wielen blokkeren. Zo houdt u de auto onder controle.
Met lucht gevulde zak die voorkomt dat u bij ernstige botsingen verwondingen oploopt aan hoofd en bovenlichaam. Voor-airbags ontvouwen zich vanuit het stuurwiel en het dashboard. Zij-airbags komen uit het portier; gordijn-airbags komen uit het dak.
Onderdeel van de overbrenging, tussen de versnellingsbak en de wielen. Het differentieel maakt het mogelijk dat de linker- en rechterwielen of de voor- en achteras met verschillende snelheden draaien, om te voorkomen dat de wielen gaan schuren.
Electronic Stability Program, elektronisch stabiliteitsprogramma. In gevaarlijke situaties stabiliseert ESP de auto automatisch door elk wiel afzonderlijk af te remmen en indien nodig het koppel te verminderen. Vele sensors meten de draaisnelheid van de wielen, de stuurhoek en de draaiing van de auto om de verticale as.